|
In dit hoofdstuk behandelen we de
condensator als essentieel element in schakelingen. We beperken ons tot
het gedrag en gebruik bij gelijkstroom; wisselstroom komt later wel aan
bod. |
|
|
Starten we met het symbool
en een paar voorbeelden :
 |
  |
|
Opbouw of samenstelling van de
condensator |
|
Een condensator is samengesteld uit twee
door een isolator gescheiden geleiders of platen. Het symbool verwijst
daar duidelijk naar. |
|
Fundamentele eigenschappen
|
|
Een condensator kan geen gelijkstroom
doorlaten ( zie het symbool ). Wisselstroom kan er onder bepaalde
voorwaarden wel doorgaan, wat we later zullen zien. |
Men zegt dat een condensator energie
opslaat. Bij aansluiten aan een gelijkstroom zullen doorheen de isolator,
ladingen op de twee elementen elkaar aantrekken. Losmaken van de voeding
belet de ladingen zich te verplaatsen: ze blijven daarom op de platen. Het
gevolg is dus een spanning of lading die achterblijft. |
|
|
|
|
Wat betekent capaciteit van een
condensator ? |
|
Een condensator kan een lading opslaan. Deze
lading hangt af van:
- de grootte van de condensator.
- de spanning aangelegd om te
laden. |
Q = C x V of

Waarin : C in Farad Q in Coulomb U in
Volt
|
|
De capaciteit van een condensator wordt
in Farad uitgedrukt. Maar één Farad is een te grote eenheid of waarde. Men
maakt van ondereenheden gebruik, zie hiernaast: |
Ondereenheden van
Farad |
|
Farad =
1 MilliFarad = 10-3 F MicroFarad = 10-6
F NanoFarad = 10-9 F PicoFarad = 10-12
F |
1 F 1 mF 1 µF 1 nF 1
pF |
|
Waarvan hangt de capaciteit van een condensator af
? |
|
- evenredig met oppervlakte S van de
platen.
- omgekeerd evenredig met de afstand e
tussen de platen of de dikte van het diëlectricum. (isolatie)
- evenredig met de diëlectrische constante
"er",
dit is een factor volgens het gebruikte
soort diëlectricum.
er voor enkele materialen:
|
mica |
6 - 8 |
|
glas |
4 - 7 |
|
polystreen |
2,3 - 2,4 |
|
steatiet |
4,4 |
|
lucht |
1 |
|
er S
C = __________
e met: C in Farad e in meter S in
m2 er
= afhankelijk van het gebruikt materiaal. |
|
|
|
|
|
|
|
|
|
Over naar wat praktijk
: |
|
Bekijk het schema hiernaast:
De condensator wordt ogenblikkelijk
opgeladen. Niets remt de stroom af ( geen weerstand ).
|
 |
|
We nemen de bron weg en vervangen ze door
een Voltmeter ( ideaal: geen belasting): |
 |
|
Dezelfde spanning als de bron zelf wordt
gemeten, hoewel de bron niet meer aanwezig is. |
Experimenteel hebben we kunnen vaststellen
dat in de condensator elektriciteit wordt "gestockeerd".
Positieve lading links en negatieve rechts
op de platen. |
|
Eenmaal geladen doet de condensator op zich
geen stroom vloeien. |
Indien het diëlectricum perfect is,
(oneindig grote weerstand) kunnen de ladingen NIET afvloeien. Men kan het
ook zo zien: de condensator gedraagt zich als een open schakelaar in een
gelijkspanningskring. |
|
|
|
|
|
|
|
Samenvoegen van condensatoren
zoals weerstanden |
|
|
|
|
|
|
|
Condensatoren in
parallel |
Condensatoren in
serie |
 |
 |
|
Door condensatoren parallel te plaatsen doet
men eigenlijk het zelfde als het vergroten van het oppervlak van de
platen. Daarom moet men dus de waarde van de condensatoren optellen om het
resultaat van de parallelschakeling te zien.
Dus optellen ! |
Omgekeerd merkt men dat hier het totale
diëlectricum dikker wordt. Uit de formule hierboven weten we dan dat de
capaciteit kleiner moet zijn dan die van de samenstellende
condensatoren. |
|
Het resultaat van de parallelschakeling van
condensatoren tussen A-B wordt:
Ctotaal = C1 + C2 +
C3 |
Het resultaat van de serieschakeling van
condensatoren tussen A-B
wordt:

In geval van geval van twee
condensatoren:
of 
|
|
|
|
|
|
Hopelijk werkt volgend
rekentoestel:
Opgelet: Behoud de eenheidsmaat om fouten te
vermijden (geen µF met pF mengen, herleid ze tot een zelfde eenheid voor
de bewerking ) |
|
|
Voer de waarde van C1
et C2
in aanpassing
van
eenheidsmaat (indien nodig) |
|
|
Capa in // |
= |
|
|
|
Capa in Serie |
= |
| |
|
| |
|
|
|
|
|
Berekeningsprincipe
:
Parallel geschakelde
condensatoren dienen berekend als waren het serieweerstanden. Serie
geschakelde condensatoren dienen berekend als waren het
parallelweerstanden. |
|
|
|
Wat gebeurt er met de energie ?
Energie wordt opgeslagen, dat weten we reeds. Maar
hoeveel, is wat anders.
Voor het examen hoef je dit
niet te kennen. |

|
|
|
W in Joule C in Farad Q in
Coulomb U in Volt |
|
Elektrisch veld
|
|
Als een condensator opgeladen is, heerst er
tussen de platen een elektrisch veld: |
U E =
____
e |
|
|
E in Volt/meter U in Volt e = afstand
tussen de platen in meter |
|
|
|
Technologische aspecten
: |
|
Er bestaat een ruime keuze aan
condensatoren, alle met specifieke eigenschappen. Sommige zijn stabiel in
het domein van HF, andere werden voor grote stromen ontwikkeld, weer
andere voor bijzondere toepassingen kunnen gepolariseerd zijn ( let op het
'+' en '- ' merkteken op de condensator ).
In het domein van de zeer hoge frequenties
kan onder andere de bedrading van een condensator een hinderlijke inductie
of een verhoging van de capaciteit betekenen. In zo'n geval moet men
speciale condensatoren gebruiken.
Condensatoren voor hoge spanningen moeten
hierop voorzien zijn bij de keuze van hun diëlectricum. Er zijn dus heel
wat aspecten waar men op moet letten.
Het is dus duidelijk dat men het juiste type
condensator op de juiste plaats moet gebruiken. |
|
|
|
|
|
|
|
De aanduidingen
: |
|
Net zoals bij weerstanden is het mogelijk de
waarde en andere informatie op de condensator af te lezen. Rechts zie je
een voorbeeld van een markering.
Let op: het laatste cijfer is de
vermenigvuldigingsfactor. Hier toegepast: we lezen 12 als cijfers en 10
exponent 1 of gewoon 10 als waarde waarmee men de andere cijfers moet
vermenigvuldigen. Dus 12 x 10 of 120 pF.
Het type condensator wijst uit welke
eenheidsmaat gebruikt wordt. |
 |
|
|
|
Bij uitvoering van herstellingen
: |
|
Condensatoren zijn de onderdelen bij uitstek
die het in een elektronische schakeling begeven. Defecte toestellen
vertonen zeer dikwijls één of andere defecte condensator of ÈÈn die
zodanig in waarde is verlopen dat de kring niet meer werkt zoals bedoeld.
De oorzaak kan zijn :
1 - het lek door het diëlectricum (vooral
bij elektrolytische condensatoren )
2 - kortsluiting doorheen het
elektrolyt.
In het eerste geval zal door de lek de
waarde zodanig kunnen veranderen dat de werkelijke waarde nog weinig met
de beoogde waarde te maken heeft. De kring gedraagt zich dan niet meer
volgens het concept. In het tweede geval zal door de tijd de condensator
steeds meer gaan opwarmen en mogelijk zelfs ontploffen. Hij zal eerst wel
opwarmen, wat al een aanwijzing kan zijn. |
|
|
|
|
|
|
|
Cyclisch laden en
ontladen
Hier komen we later nog wel op terug, maar
toch nog dit:
|
|
|
Zie het schema rechts. De blauwe kanteel
is een generator voor een vierkantvormig signaal, aangelegd aan een
condensator in serie met een weerstand.
Een oscilloscoop is een toestel waarmee men
de vorm van elektrische signalen kan zien. We gaan de golfvorm op
de condensator als gevolg van de vierkantgolf onderzoeken. |
 |
|
Het
resultaat.
|
|
 
|
- In het blauw de spanning zoals deze uit de
generator komt. - In het rood de spanning op de klemmen van de
condensator.
|
|
We stellen een verschil in vorm vast. De
weerstand beperkt enigszins het laden van de condensator. Omdat de
laadstroom kleiner is, zal er meer tijd nodig zijn om het maximum te
bereiken. Als de weerstand zeer groot is kan het zijn dat het maximum niet
wordt bereikt ( de rode lijn komt niet tot het horizontale blauwe deel ).
Keert de polariteit om, dan gaat de condensator zich op een gelijkaardige
manier doorheen de generator ontladen. De eigen (of inwendige) weerstand
van de generator tellen op we bij die in de schakeling . |

Hier hebben we een grotere weerstand
verkozen. Het maximum van de spanning wordt niet gehaald. |
|
Wiskundige wet voor het laden en
ontladen
|
e
- t/RC |
|
|
De logaritme in basis van het getal e
(2.72) |
|
RC noemt men de tijdconstante:
één tijdconstante is de tijd, nodig om 63 % van
de maximum spanning te bekomen.
Men zegt dat een condensator na 5 tijdconstanten
"RC" volledig geladen is. |
|
De spanning over de condensator kan bij
opladen na een tijd "t" volgens deze formule berekend
worden: |
V = E
( 1 -
e
- t/RC) |
|
Omgekeerd zal deze spanning bij
ontladen volgens deze formule berekend worden: |
V = E
( e -
t/RC) |
|
|