inleiding examens

Proefexamen F 4-Juni 2009


1- Op de loper van R15  is een sinusvormig signaal aanwezig.

     De potentiometer staat in de middenstand.

   

     Het aan de hoofdtelefoon aangeboden signaal: 

is in fase met het signaal op de loper van R15   is in tegenfase met het signaal op de loper van R15 ijlt 270 graden na t.o.v het signaal op de loper van R15 ijlt 360 graden na t.o.v. het signaal op de loper van R15
 

2 - De draaggolf van een AM-zender wordt met een toon gemoduleerd.

     Het uitgangssignaal wordt op een oscilloscoop zichtbaar gemaakt.
     De oscilloscoop is gesynchroniseerd met het toonsignaal.

    

       

      Het juiste beeld is: 

beeld 2 beeld 1 beeld 4 beeld 3
 

3 - Een omroepontvanger wordt over het hele afstembereik gestoord door een amateurstation.

     De meest waarschijnlijke oorzaak is: 

harmonischen van de zender laagfrequentdetectie in de ontvanger splatter van de zender slechte spiegelonderdrukking van de ontvanger
 

4 - In de algemene bepalingen van de Telecommunicatiewet komt de volgende definitie voor:

     "(-X-): apparaten die naar hun aard bestemd zijn voor het zenden of het zenden en ontvangen van radiocommunicatiesignalen."

 

      In plaats van (-X-) staat: 

radiozendapparaten radioversterkerapparaten radio-ontvangapparaten meetapparaten
 
5 - In het UHF-gebied kunnen soms grote afstanden overbrugd worden ten gevolge van:
reflecties tegen de geļoniseerde D-laag reflecties tegen geļoniseerde F-lagen grote zonnenvlekken-activiteit temperatuurinversies
 
6 - Een radiozendamateur werkt met CW op 28,01 MHz.
      Zijn buurman luistert op 27 MHz en merkt dat de ontvangst van zwakke signalen onderbroken wordt in het
      seintempo van de amateur.

      De waarschijnlijke oorzaak is:
verkeerd aangepaste ontvangantenne harmonischen van de amateurzender intermodulatie blokkering van de 27 MHz ontvanger door het 28 MHz signaal
 
7 - Van de transistor is de hfe = 100
     
      De spanningsversterking van deze schakeling is ongeveer:
50 5 1 100
 
8 - De ITU radio regio II omvat het volgende gebied:
Europa Amerika Afrika Aziė
 
9 - De juiste impedantie-aanpassing van een antennesysteem wordt gecontroleerd met een:
veldsterktemeter ohmmeter staandegolfmeter ampčremeter
 
10 - In de schakeling komt +5 V overeen met logisch 1 en 0V met logisch 0.
        
        De juiste waarheidstabel is:
tabel 2 tabel 3 tabel 1 tabel 4
 
11 - De roepletters G5BEQ worden volgens het voorgeschreven spellingalfabet gespeld als:
George Vijf Bravo Echo Quebec Golf Vijf Bravo Echo Quebec Golf Vijf Baker Echo Quebec George Vijf Baker Echo Quebec
 
12 - De lengte van een halvegolf dipool voor de 7 MHZ band is ongeveer:
20,4 M 7,0 M 10,2 M 40,8 M
13 - Door een lange spoel loopt een hf wisselstroom.
        Een aluminium huls is in de lengterichting van een smalle luchtspleet voorzien, om de spoel geschoven en geaard.

        Dit wordt gedaan om:
alleen het elektrisch veld af te schermen de magnetische veldlijnen te concentreren bij de luchtspleet het elektrisch en magnetisch veld af te schermen de zelfinductie te vergroten
 
14 - Het frequentiespectrum van een hf-signaal dat 50% amplitude gemoduleerd is met een constante
        lf-sinustrilling vertoont:
een draaggolf en twee zijbanden een zijband zonder draaggolf twee zijbanden zonder draaggolf een draaggolf en een zijband
 

15 - De beste mode voor het maken van radioverbindingen via aurora-propagatie is:

FM CW EZB AM
 

16 - Op een oscilloscoop, aangesloten op de uitgang van de zender, zien we het geschetste beeld.

        De verticale gevoeligheid is 50 volt/div.

        De belasting is 50 ohm.

           

       Het afgegeven vermogen is dan ongeveer: 

200 W 100 W 50 W 25 W

 

17 - In het filter zijn de 3 kringen in resonantie op de daarbij aangegeven frequenties.

          

       Het filter: 

laat 2000 Hz en 4000 Hz door laat 2000 Hz door en spert 4000 Hz spert 2000 Hz en 4000 Hz spert 2000 Hz en laat 4000 Hz door
 
18 - Als het stralende deel van een antenne langer wordt gemaakt dan zal zijn resonantiefrequentie:
geheel verdwijnen hoger worden gelijk blijfen lager worden
 
19 - Het woord "AXIOMA" wordt volgens het voorgeschreven spellingalfabet gespeld als:
Ajax X-ray India Oscar Mexico Ajax Alfa X-ray India Oscar Mike Alfa Alfa X-ray India Ontario Mike Alfa Ajax Xantippe India Oscar Mexico Ajax
 

20 - Om de lamp maximaal te laten branden moet de wikkelverhouding van de aanpassingstrafo zijn:

         

2:1 1:1 4:1 8:1
 
21- De spanning U over de secundaire van 2 overkritisch gekoppelde kringen, als functie van de frequentie, is
       gegeven door:
      
schema 3 schema 2 schema 1 schema 4
 
22 - Een voorversterker voor de twee meter amateurband heeft minimaal een bandbreedte van:
146 MHz 2 meter 144 MHz 2 MHz
 

23 - Een superheterodyne-ontvanger heeft geen hf-versterker.

 

      Draaien aan de afstemknop verandert de afstemfrequentie van: 

alleen de antenne ingang de detector de middenfrequent afstemkringen de oscillator en de antenne-ingang
 

24 - Bewering 1:

        Een dubbelzijband AM-zender wordt gemoduleerd met een spraaksignaal.

        De klasse  van uitzending is F3E.

        Bewering 2:

        Een FM-zender zendt een telegrafiesignaal uit, bestemd voor automatische ontvangst.

        De klasse van uitzending is F1B. 

 

        Wat is juist?

bewering 1 en bewering 2 geen van beide beweringen alleen bewering 2 alleen bewering 1
 

25 - Om een laagohmige antenne aan te passen aan een hoogohmige voedingslijn, wordt een "stub" toegepast.

       

       Wat is juist: 

lengte 1: 1/2 lambda
     einde A: open
lengte 1: 1/4 lambda
     einde A: open
lengte 1: 1/8 lambda:
     einde A: kortgesloten
lengte 1: 1/4 lambda:
     einde A: kortgesloten
 

26 - Van een pentode, ingesteld in klase A, is het verband tussen Ia en Ug gegeven bij een anodeweerstand van 5000Ω.

      

        De spanningsversterking is:

250 maal 50 maal 10 maal 20 maal
 

27 - Om de resonantiefrequentie van de kring een factor 2 te verhogen, moet de regelspanning op de varicap

        Gewijzigd worden van:

        

12,5 V naar 20 V 5 V naar 20 V 10 V naar 5 V 20 V naar 5 V

28 - De reikwijdte van de grondgolf van een zender is groter naarmate:
De D-laag verdwijnt de absorptie in de aardbodem groter is de geleidbaarheid van het aardoppervlak beter is de frequentie hoger is
 

29 - Een LED (light emitting diode) dient op een spanning van 12 volt te worden aangesloten volgens:

        

schema 1 schema 4 schema 2 schema 3
 
30 - De frequentiezwaai van een fasegemoduleerd (PM) signaal wordt bepaald door:
de frequentie van de draaggolf en de frequentie van het modulerende signaal alleen de frequentie van het modulerende signaal de amplitude en de frequentie van het modulerende signaal alleen de amplitude van het modulerende signaal
 

31 - Een van de voordelen van een FM-zender is:

dat alle hf-versterkertrappen in klasse B of C kunnen worden ingesteld dat de draaggolf onderdrukt is, waardoor meer vermogen voor de zijbanden beschikbaar is dat de bandbreedte klein is dat een grote frequentiestabiliteit van de zendfrequentie wordt verkregen
 

32 - Een aardlekschakelaar beveiligt tegen het optreden van:

een verschil tussen de stroomsterkte in de nuldraad en de fasedraad een potentiaalverschil tussen de nuldraad van het net en het chassis een hoogfrequentstroom naar het net een potentiaalverschil tussen de nuldraad van het net en aarde
 

33 - De stroom door de condensator is:

        

7,5 mA 10 mA 2,5 mA 12,5 mA
 
34 - In de "gebruiksbepalingen" wordt onder het radiostation verstaan:
een inrichting waarmee met toestemming van Agentschap Telecom technische onderzoekingen wordt gedaan een samenspel van radio-ontvang en zendapparaten voor het onderhouden van amateurradioverbindingen een of meer radiozendapparaten met de daartoe behorende antenne-inrichtingen een inrichting waarmee bevoegde personen die geļnteresseerd zijn in radiotechniek onderlinge radioverbindingen onderhouden
 

35 - Juist is:

         

X=0 en Y=0 X=0 en Y=1 X=1 en Y=1 X=1 en Y=0
 
36 - Gedurende een uitzending dient de radiozendamateur zijn roepletters:
alleen op verzoek van het tegenstation te vermelden niet te vermelden ten minste eenmaal per 5 minuten te vermelden ten minste eenmaal per 10 minuten te vermelden
 

37 - De voltmeter met een inwendige weerstand van 10 kilo-ohm per volt is ingesteld op het bereik van 10 volt.

        De inwendige weerstand van de batterij is te verwaarlozen.

         

      De voltmeter wijst aan: 

3 V 6 V 1 V 4,5 V
 

38 - De polarisatie van een radiogolf:

wordt in eerste instantie bepaald door de ontvangantenne is altijd evenwijdig aan de aarde is altijd loodrecht op de aarde wordt in eerste instantie bepaald door de zendantenne
 
39 - De primaire stroom I is:
      
500 mA 50 mA 25 mA 20 A
 

40 - Het meest geschikt als frequentievermenigvuldigtrap is een:

versterker in klasse C mengtrap lineaire versterker oscillator
 

41 - De dode zone is het gebied rondom een kortegolf zender, waarin:

de zender alleen kan worden ontvangen als er Aurora reflecties optreden door afscherming geen zichtverbinding met de zender mogelijk is noch de ruimtegolf, noch de grondgolf van de zender wordt ontvangen geen ontvangst mogelijk is omdat de zendfrequentie laag is
 

42 - Deze karakteristiek heeft betrekking op een:

        

zenerdiode weerstand FET spanningsbron
 
43 - Van een amplitude-gemoduleerde 2-meter zender is de modulatie hoorbaar uit de luidspreker van een TV-ontvanger,
        zelfs als de volumeregelaar hiervan op minimum is ingesteld.

       De juiste conclusie is:
de TV-antenne heeft te weinig richteffect de storing zal verdwijnen als in de zender enkelzijbandmodulatie wordt toegepast de buitenmantel van de TV-antennekabel is onderbroken in de laagfrequentversterker van de TV-ontvanger treden detectieverschijnselen op
 
44 - Ingang Y gaat over van 0 naar 1.
        Uitgang Q:
      
blijft 1 gaat van 1 naar 0 blijft 0 gaat van 0 naar 1
 

45 - Een 10-meter zender veroorzaakt laagfrequentdetectie in een geluidsinstallatie.

       Om de storing op te heffen worden de laagohmige luidsprekeruitgangen ontkoppeld door middel van condensatoren,

       parallel aan de uitgangen.

 

      De meest geschikte capaciteitswaarde is: 

10 microfarad 10 picofarad 10 nanofarad 10 milifarad
 
46 - Als een niet-lineaire zenderversterker gebruikt wordt voor EZB-telefonie dan:
wordt de verstaanbaarheid verbeterd wordt de bandbreedte kleiner ontstaat er vervorming wordt de zijband omgekeerd
 
47 - Juist is:
       
X=1 en Y=0 X=0 en Y=0 X=0 en Y=1 X=1 en Y=1
 
48 - Een verliesvrije condensator is aangesloten op een sinusvormige spanning.
        Welke bewering is juist?
de condensator neemt het dubbele vermogen op bij verdubbeling van de spanning de condensator neemt bij een bepaalde frequentie maximaal vermogen op de condensator neemt het dubbele vermogen op bij verdubbeling van de capaciteit de condensator neemt geen vermogen op
 

49 - Een versterker heeft de gegeven amplitude/frequentie-karakteristiek.

         

       De versterker is ontworpen als:

versterker voor alle frequenties tot 100 MHz lf-versterker hf-versterker op 10 MHz vhf-versterker op 100 MHz
 
50 - Een condensator met aansluitdraden gedraagt zich voor frequenties in het UHF-bereik voornamelijk als een:
weerstand parallelkring spoel condensator met veel verlies