inleiding examens

Proefexamen F Najaar 2008


1- R5 heeft ten doel.

 

    

Het aanbieden van de juiste stroom door D2 Hoogfrequent tegenkoppeling van Q1 stroombegrenzing door D1 voedingsspanningontkoppeling voor Q1 samen met C5
 

2 - De spoelen L11 en L13 maken deel uit van de:

     

oscillator laagfrequentversterker middenfrequentversterker hoogfrequentversterker
 

3 - Juist is:

     

X=1 en Y=0 X=0 en Y=1 X=0 en Y=0 X=1 en Y=1
 

4 - Een belasting wordt aangesloten op een sinusvormige wisselspanning.

      Het verloop van de stroom i en de spanning u is in de grafiek aangegeven.

     

      De belasting bestaat uit een:

weerstand spoel plus weerstand condensator plus weerstand spoel plus condensator
 
5 - De eigenschappen in de troposfeer bepalen in belangrijke mate de voortplanting van radiogolven in de:
VHF- en HF-band LF-band HF-band VHF-band
 
6 - Een varicapdiode wordt meestal gebruikt voor:
het regelen van de versterking het stabiliseren van de voedingsspanning signaaldetectie in een AM-ontvanger het moduleren in een FM-zender
 
7 - In een enkelzijbandzender wordt een balansmodulator gebruikt, waardoor:
alleen de draaggolf wordt onderdrukt de draaggolf en een zijband worden onderdrukt alleen een zijband wordt onderdrukt 90 graden faseverschuiving wordt bereikt
 
8 - De juiste kleuraanduiding van de draden in een netaansluiting is:
Fase: blauw; Nul: bruin; Aarde: zwart Fase: bruin; Nul: blauw; Aarde: geel/groen Fase: blauw; Nul: bruin; Aarde: geel/groen Fase: bruin; Nul: blauw; Aarde: zwart
 
9 - Een geregistreerde radiozendamateur:
moet op elk moment de zendfrequentie van de uitzendingen kunnen vaststellen moet in staat zijn nauwkeurig te bepalen op welke frequentie de uitzendingen plaatsvinden is er voor verantwoordelijk dat de grenzen door de uitzendingen op de door hem toegewezen frequentiebanden niet worden overschreden moet in staat zijn om te bepalen of de uitzendingen binnen de toegelaten frequentieband plaatsvinden
 
10 - In de algemene bepalingen van de telecommunicatiewet komt de volgende definitie voor:

        "(-X-): apparaten die naar hun aard bestemd zijn voor het zenden of het zenden en ontvangen van radiocommunicatiesignalen."

         In plaats van (-X-) staat:

radio-ontvangapparaten radioversterkerapparaten meetapparaten radiozendapparaten
 
11 - De frequentiezwaai van een FM-gemoduleerde draaggolf wordt groter als de:
amplitude van het modulerende signaal toeneemt amplitude van het hoogfrequentsignaal toeneemt amplitude van het modulerende signaal afneemt frequentie van het modulerende signaal afneemt
 
12 - De radiozendamateur moet:
er voor zorgdragen dat het toegestane zendvermogen niet wordt overschreden kunnen vaststellen hoeveel hoogfrequentvermogen aan de antenne van de zendinrichting wordt toegevoerd in staat zijn vast te stellen dat het door de antenne uitgestraalde zendvermogen niet wordt overschreden kunnen vaststellen met welk zendvermogen de zendinrichting werkt
13 - Een voordeel van enkelzijbandmodulatie vergeleken met amplitudemodulatie is:
de frequentiestabiliteit van de ontvanger kan lager zijn de vervorming ten gevolge van selectieve fading is minder hinderlijk de zendereindtrap kan in klasse C worden ingesteld de bandbreedte van de ontvanger kan groter zijn
 
14 - De hoogfrequent-verliezen van een condensator zijn het kleinst indien als diëlektricum wordt toegepast:
polystyreen keramiek mica lucht
 

15 - een amplitudegemoduleerde zender wordt met een laagfrequenttoon 100% gemoduleerd.

        De Peak Envelope Power (PEP) is 200 watt.

 

         Het draaggolfvermogen is dan:

25 W 100 W 200 W 50 W
 

16 - De coaxkabels hebben een karakteristieke impedantie van 70 W.

        De elektrische lengte is aangegeven.

        De zenders moeten met 50 W worden belast.

    

        Aanpassing wordt verkregen:

       

met opstelling 1 en 2 alleen met opstelling 2 met geen van beide opstellingen alleen met opstelling 1

17 - De afstand die met een amateur UHF-verbinding met paraboolantennes onder goede omstandigheden

        rechtstreeks kan worden overbrugd, bedraagt:

2,5 km 25 km meer dan 50 km 1 km
 
18 - Van Amsterdam naar Stockholm wordt een radioverbinding op 145 MHz gemaakt.

        Dit is mogelijk omdat:

de kritische frequentie voor ionosfeerreflectie bij 20 MHz ligt sporadische E-laag reflectie optreedt de antennes op 100 meter hoogte zijn opgesteld het zogenaamde Dellinger-effect optreedt
 
19 - Vanuit een aardsatelliet op 1.000 km hoogte wordt een UHF-uitzending gedaan.

        Deze uitzending is op aarde steeds te ontvangen in een gebied met een straal van ongeveer:

100 km 20.000 km 4.000 km 500 km
 

20 - De draaispoel-ampèremeter is geijkt voor gelijkstroom.

        De ampèremeter wijst aan:

       

1,14 A 1 A 0,8 A 1,2 A
 
21- Tijdens een amateurradio-uitzending moeten de roepletters worden uitgezonden ten minste eenmaal per:
10 minuten 15 minuten 5 minuten 20 minuten
 
22 - De Engelse afkorting DDS komt overeen met de Nederlandse uitdrukking:
dubbelzijdige diode systeem diodedetector schakeling digitale frequentiesynthese directe digitale frequentiesynthese
 

23 - Dit is een schema van een:

       

laagdoorlaatfilter modulator hoogdoorlaatfilter verschilversterker
 

24 - De collectorstroom is 100 mA.

       

        De stroom I is:

25 mA 50 mA 100 mA 75 mA
 

25 - De beste schakeling voor de ingang van een hoogfrequentversterker is:

       

schakeling 1 schakeling 3 schakeling 2 schakeling 4
 

26 - Een ideale enkelzijbandzender wordt met twee even sterke sinusvormige audiosignalen van respectievelijk

        800 Hz en 1000 Hz uitgestuurd.

        Het uitgangssignaal wordt zichtbaar gemaakt op een oscilloscoop.

       

        Het juiste beeld is:

beeld 3 beeld 2 beeld 1 beeld 4
 

27 - Een 10-meter zender veroorzaakt laagfrequentdetectie in een geluidsinstallatie.

        Om de storing op te heffen worden de laagohmige luidsprekeruitgangen ontkoppeld door middel van

        condensatoren, parallel aan de uitgangen.

 

         De meest geschikte capaciteitswaarde is:

10 picofarad 10 milifarad 10 nanofarad 10 microfarad

28 - Om veiligheidsredenen dienen de metalen afschermingen van hoge spanning voerende delen in een zender:
onderling te worden doorverbonden te worden verbonden met een hf-aarde te worden verbonden met de geaarde metalen behuizing van de zender van aarding te worden vrij gehouden
 

29 - Juist is:

       

X=0 en Y=1 X=0 en Y=0 X=1 en Y=1 X=1 en Y=0
 
30 - Een kristalcalibrator met een grondfrequentie van 100 kHz heeft een afwijking van +10 Hz

        Indien men op een ontvanger de 35e harmonische waarneemt is de frequentie van deze harmonische:

3501,000 kHz 3500,035 kHz 3503,500 kHz 3500,350 kHz
 

31 - De vervangingsweerstand is:

       

2,5 W 10 W 40 W 5 W
 

32 - De primaire stroom I is:

       

20 A 500 mA 25 mA 50 mA
 

33 - De impedantie Z bedraagt:

       

1 W 1 kW 100 W 10 kW
 
34 - Een amateurzender werkt met een klasse van uitzending F3E en een bandbreedte van 16 kHz.

        Volgens de "gebruiksbepalingen" mag deze zender niet werken op:

145,160 MHz 144,016 MHz 145,995 MHz 145,500 MHz
 

35 - Met deze meetopstelling wordt de resonantiefrequentie van de kring bepaald.

        Ri is de inwendige weerstand van de voltmeter.

       

        wat is juist?

R is: laag; Ri is: laag R is: laag; Ri is: hoog R is: hoog; Ri is:hoog R is: hoog; Ri is: laag
 
36 - De sperspanning van een normale siliciumdiode is:
kleiner dan 0,4 V groter dan 10 V tussen 0,4 V en 2 V tussen 2 V en 10 V
 

37 - De grafiek geeft enkele karakteristieken van een triode weer.

       

        De steilheid van deze buis is ongeveer

4 mA/V 1 mA/V 2 mA/V 3 mA/V
 

38 - De impedantiegrafiek van een kwartskristal rond de resonantiefrequentie op de grondtoon is gegeven in:

       

grafiek 4 grafiek 1 grafiek 2 grafiek 3
 
39 - De communicatie tussen amateurstations mag geen berichten bevatten:
ten behoeve van of voor derden van geringe belang betreffende technische onderzoekingen met opmerkingen van persoonlijke aard
 

40 - De ampèremeter met een inwendige weerstand Ri wijst 4 ampère aan.

        Met gesloten schakelaar S wijst de ampèremeter 7 ampère aan.

       

        De spanning U en de inwendige weerstand Ri zijn:

26 V en 1 W 28 V en 1 W 24,5 V en 0,5 W 26 V en 0,5 W
 

41 - De functie van blok X is:

       

mengtrap 2e verdubbeltrap stuurtrap 3,55 MHz banddoorlaatfilter
 

42 - Het lichaamsdeel dat het snelst beschadigd kan worden door de invloed van electromagnetische golven

        met frequenties boven 400 MHz is/zijn:

de hersenen de hand het hart de nieren
 
43 - In de "gebruiksbepalingen"wordt onder het radiostation verstaan:
Een of meer radiozendapparaten met de daartoe behorende antenne-inrichtingen de radiozendapparaten op het vaste adres een of meer radiozendapparaten met de daarbij behorende ontvangers een of meer radiozendapparaten met uitzondering van radiozendapparaten die niet op het vaste adres staan opgesteld
 
44 - De resonantiefrequentie van een antenne wordt verhoogd door:
de opstelhoogte van het stralende element te verkleinen het stralende element te verkorten een aardvlak aan te brengen het stralend element te verlengen
 

45 - De versterking van de schakeling is:

       

10.000 11 0,1 10
 
46 - Voor een EZB-zender geldt:
de zendereindtrap mag in klasse C worden ingesteld de trappen na de balansmodulator moeten in klasse A of B worden ingesteld er kan geen frequentietransformatie worden toegepast in de trappen na de balansmodulator mag frequentievermenigvuldiging worden toegepast
 
47 - De Maximum Usable Frequency (MUF) voor een radioverbinding tussen Nederland en Afrika is op enig moment 24 MHz.

        Voor een succesvolle verbinding kan men dan het beste gebruik maken van de:

15-meter band 40-meter band 10-meter band 20-meter band
 
48 - Een condensator met aansluitdraden gedraagt zich voor frequenties in het UHF-bereik voornamelijk als een:
condensator met veel verlies weerstand parallelkring spoel
 

49 - Bewering 1:

        Een dubbelzijband AM-zender zendt een muzieksignaal uit.

        De klasse van uitzending is A3C.

 

        Bewering 2:

        Via een FM-zender worden met de hand geseinde morsesignalen verzonden.

        De klasse van uitzending is F1E.

 

         Wat is juist?

alleen bewering 1 bewering 1 en bewering 2 geen van beide beweringen alleen bewering 2
 
50 - De werking van een geaarde aluminium afschermbus om een hf-spoel berust op:
inductie van een stroom in de bus die een tegengesteld magnetisch veld opwekt magnetische geleiding van aluminium naar aarde afvoeren van magnetische veldlijnen diamagnetische eigenschappen van aluminium