N-Examen Nieuwe Stijl

1. Variabele condensatoren worden toegepast in:

2. Op het vaste adres van de geregistreerde radiozendamateur staat het amateurstation zodanig opgesteld dat door het indrukken van de microfoonschakelaar de zender in bedrijf komt.
De radiozendamateur is niet aanwezig.

Wat is juist?

3. De schakeling wordt aangesloten op een batterij van 40 volt.

De stroom die de batterij levert is:


4. De parasitaire elementen van een yagi antenne zijn:

5. Een voordeel van enkelzijbandmodulatie vergeleken met frequentiemodulatie is:

6. De versterkertrap werkt op 145 MHz.

Wat is juist?
7. Om een gestabiliseerde gelijkspanning van 5 volt te verkrijgen kan men gebruik maken van een:

8. Met een superheterodyne-ontvanger wordt een signaal ontvangen van 1 MHz.
De oscillatorfrequentie is 550 kHz.

De middenfrequentversterker is afgestemd op:

9. Een enkel superheterodyne-ontvanger heeft een middenfrequentie van 455 kHz.

Voor ontvangst op 7,055 MHz is de oscillator afgestemd op:

10. Een radiozendamateur in de catagorie N zendt uit op 145,798 MHz.

Dit is:

11. C9 en L3 vormen hier een:


12. Een superheterodyne-ontvanger ontvangt een FM-signaal met een frequentiezwaai van 3 kHz.

De frequentiezwaai in de middenfrequentversterker is:

13. De modulatiemethode voor spraak met de kleinste bandbreedte is:

14. De condensatoren C22 en C24 zijn:


15. De middenfrequentversterker van een superheterodyne-ontvanger:

16. De schakeling geeft een spanningsverzwakking (Uin/Uuit van:


17. Als transistoroscillator kan het best worden gebruikt:


18. De vervangingswaarde is:


19. In een CW-zender is het modulerende signaal een:

20. Welke karakteristiek behoort bij een hoogdoorlaatfilter?


21. De vervangingscapaciteit van twee condensatoren parallel:

22. Drie condensatoren van 30 nanofarad worden in serie geschakeld.

De vervangingscapaciteit is:

23. In een voedingsapparaat wordt de aangeboden netspanning omgezet naar een andere wisselspanning door:

24. Een yagi-antenne heeft een director.

Door het bijplaatsen van directoren:

25. De eenheid van zelfinductie is:

26. een breedband-antenneversterker is aangesloten tussen een TV-antenne en een TV-ontvanger.
Bij het inschakelen van een hf-amateurzender worden alle TV-kanalen gestoord.

Deze storing is in het algemeen op te heffen door:

27. Deze dipool-antenne is het best bruikbaar voor de:


28. Een radiozendamateur zendt een signaal uit met een bandbreedte van 2200 kHz.

Dit is:

29. Halfgeleidend materiaal wordt het meest toegepast in een:

30. De letter "C" wordt in de elektronica gebruikt voor een:

31. een zender is via een kabel met de antenne verbonden.

Door het toevoegen van een antennetuner tussen de zender en de kabel kan:

32. Twee weerstanden van verschillende waarde zijn parallel aangesloten op een spanningsbron.

De warmte-ontwikkeling in de weerstand met de laagste waarde is:

33. Een zender, welke werkt in de band 144-148 MHz en 100 watt kan leveren, wordt te koop aangeboden.

Mag een radiozendamateur met een N-registratie deze apparatuur gebruiken?

34. De gebruikelijke bandbreedte van een amateur FM-telefoniesignaal is:

35. De meest geschikte bandbreedte voor een hf-amateur ontvanger, die gebruikt wordt voor EZB-telefonie ontvangst, bedraagt:

36. Een AM-zender wordt gemoduleerd met spraak.

De klasse van uitzending is:

37. Dit is het blokschema van een FM-zender.

Het blokje gemerkt met X stelt voor:


38. De kleurcode voor een weerstand van 4700 ohm kan zijn:
39. Een geregistreerde radiozendamateur:


40. Een parallelkring heeft: