inleiding examens
1- Een N-vergunninghouder heeft een zelfbouw 2-meter zender die een zendvermogen kan afgeven van maximaal
50 watt.
Het gebruik van deze zender op de aan N-vergunninghouders toegewezen frequentieruimte is:
2 - De Q-code QRP betekent:
3 - In het telegrafieverkeer is de gebruikelijke afkorting voor ZENDER:
4 - De roepletters worden aan de vergunninghouder toegewezen door:
5 - Een AM-zender wordt gemoduleerd met spraak. De klasse van uitzending is:
A3E
6 - De radiozendamateur mag het amateurstation gebruiken voor het uitzenden van:
7 - Een amateurvergunninghouder koopt een tweedehands mobilofoon, werkend in de band 146-174 MHz.
Hij wijzigt het frequentiebereik in 144-172 MHz.
Het gebruik van dit apparaat is:
8 - Tijdens een amateurradio-uitzending moeten de roepletters worden uitgezonden ten minste éénmaal per:
9 - De beste manier om een antennemast te aarden is:
10 - Welke bewering kan juist zijn?
11 - Halfgeleidend materiaal wordt het meest toegepast in een:
12 - Door een weerstand van 1 ohm loopt een constante stroom van 2 ampère.
Welke weerstand moet worden gebruikt?
13 - Zes 1,5 V cellen worden op onderstaande manier aangesloten.
De spanning tussen A en B is:
14 - Van elektromagnetische golven is juist:
15 - In een CW-zender is het modulerende signaal een:
16 - Een voordeel van enkelzijbandmodulatie vergeleken met amplitudemodulatie is:
17 - Van een frequentiegemoduleerd signaal is de:
18 - Een zender bestaan uit drie modulen.
Het totale opgenomen vermogen van deze drie modulen is:
19 - Aansluiting 1 is de:
20 - De kleurcode voor een weerstand van 4700 ohm is:
21- Op een condensator staat vermeld: 200 pF, 5%.
De waarde ligt dan tussen:
22 - In een voedingsapparaat wordt het omzetten van de netspanning naar een andere waarde gerealiseerd door:
23 - In de schakeling zal:
24 - Drie weerstanden worden parallel geschakeld. De waarden zijn: 10, 15 en 30 ohm.
De vervangingsweerstand is:
25 - In een hoogfrequentkring wordt een vaste condensator van 80 pF in serie geschakeld met een variabele condensator. De capaciteit van de variabele condensator kan worden ingesteld tussen 20 en 80 pF.
De kring ziet een capaciteitsvariatie van:
27 - Bij resonantie is de impedantie Z:
28 - Welke schakeling stelt een banddoorlatend filter voor?
29 - Een zender wordt gelijktijdig gemoduleerd met twee sinusvormige signalen.
Indien het spectrum van het uitgangssignaal het getekende beeld vertoont, is er sprake van:
30 - De oscillator van de mengtrap van een superheterodyne ontvanger werkt op de:
31 - Een begrenzer en een frequentie-discriminator worden samen toegepast in een ontvanger voor:
32 - Als de BFO wordt meegeteld heeft een enkelvoudige superheterodyne ontvanger tenminste:
33 - De FM-detector in een 2-meter ontvanger dient om:
34 - Blokschema 2-meter FM-zender:
Het blokje gemerkt met X stelt voor:
35 - Het deel van een hf EZB station dat zou kunnen bijdragen aan de onderdrukking van hogere harmonischen in het uitgangssignaal is:
36 - Deze dipool-antenne is het best bruikbaar voor de:
37 - Een antenne straalt in het horizontale vlak gelijkmatig in alle richtingen.
Deze antenne kan zijn een:
38 - Fading of sluiering van radiogolven beneden 30 MHz ontstaat doordat:
40 - Een 2-meter zender veroorzaakt storing in de ontvangst van een UHF-televisie-uitzending.
De oorzaak hiervan is: